Reis naar Zwitserland – Deel 2: Het licht binnenlaten
In het eerste deel van dit blog vertelde ik hoe een onverwacht gevoel ons in mei 2023 naar Zwitserland bracht. Ik voelde me aangetrokken tot de helderheid van de Zwitserse Alpen, maar achteraf besef ik dat die reis veel meer betekende dan een gewone voorjaarsvakantie. Pas nu, drie jaar later, zie ik hoeveel beslissingen daar eigenlijk zijn begonnen.
Wat was het nou precies dat mij daar zo raakte?
Toen we aankwamen in Zwitserland, hingen de wolken laag tussen de bergen. De lucht was grijs, de bergtoppen verdwenen in de mist en veel van het landschap bleef verborgen. In de bergen blijft bewolking vaak veel langer hangen dan in het vlakke Nederland. Het voelde alsof de omgeving zich nog niet wilde laten zien. Het voelde een beetje beklemmend.
Zoals ik in het vorige deel al schreef, brak de zon na een paar dagen eindelijk door. Vanaf dat moment veranderde alles. Niet alleen het landschap, maar ook de manier waarop ik ernaar keek en hoe ik mij voelde, alsof ineens alles mogelijk was.
Bij de Blausee zag ik voor het eerst hoe ongelooflijk helder water kan zijn. Je keek zo naar de bodem, waar regenboogforellen rustig voorbij zwommen en zelfs het bekende beeld van de zeemeermin zichtbaar bleef. Ik kon er eindeloos naar kijken. Er was iets aan dit water dat me niet meer losliet. Waarom voelde dit zo anders dan het water thuis?

De volgende verrassing wachtte bij een klein winkeltje naast de Blausee. Ik kocht er een klein bergkristalcluster, omdat ik graag een kristal van Zwitserse bodem mee naar huis wilde nemen. De verkoopster vertelde over een bijzondere kristalwinkel in een dorpje verderop. Nieuwsgierig geworden reden we erheen en kwamen terecht bij de Kristallkeller van Lukas en Paul in Reichenbach.
De winkel voelde bijna als een klein museum. Overal stonden enorme bergkristallen, rookkwarts, amethisten en andere mineralen, veel daarvan door de eigenaren zelf gevonden in de Zwitserse bergen. Wat mij vooral raakte, was hoe de kristallen werden uitgelicht. Ze stonden in donkere vitrines, waardoor iedere structuur zichtbaar werd. Het blijft een bijzonder idee dat deze kristallen miljoenen jaren geleden diep in de aarde zijn gevormd, verborgen in het donker. Pas in het licht werd hun schoonheid echt zichtbaar.
De video hieronder laat misschien beter zien waarom deze plek zo'n indruk op mij maakte.
Ook Lauterbrunnen maakte diepe indruk. Natuurlijk door de hoge watervallen die langs de steile bergwanden recht naar beneden storten, maar vooral door het licht. De fijne waterdruppels lichtten op als kleine diamantjes en vanuit bepaalde hoeken verschenen regenbogen die even later weer verdwenen. Het leek alsof het licht met het water speelde.
Even verderop stond een eenvoudige stenen drinkbak waar onafgebroken bergwater uit een kraan stroomde. Ik maakte er een kort filmpje van, zonder te weten waarom ik dat zo mooi vond. Pas veel later kreeg juist dat beeld een bijzondere betekenis.
De laatste plek die mij raakte was de Engstlensee. Het meer was nog deels bevroren en spiegelglad. De bergen weerspiegelden bijna perfect in het water en de eerste krokussen stonden tussen het smeltende ijs. Normaal gesproken is het meer in mei al ontdooid, maar door de lange winter troffen we een landschap dat waarschijnlijk maar heel kort zo bestaat. Het voelde als een cadeautje van water en ijs.

Pas achteraf viel me op dat al deze plekken iets gemeen hadden. Het ging niet alleen om water. Niet alleen om kristallen. Niet alleen om bergen.
Het was het licht dat alles zichtbaar maakte.
Het licht op helder water laat je dieper kijken. Bergkristal laat licht door. Een spiegeling ontstaat alleen wanneer water volledig tot rust komt en het licht kan reflecteren. Overal leek de natuur hetzelfde verhaal te vertellen. Niet met woorden, maar met licht.

De verbouwing
Terwijl ik zat te denken aan alles dat Zwitserland heeft gebracht, moest ik ineens terugdenken aan de impact die het had op ons eigen huis.
Toen ik in 2017 ons appartement op de bovenste verdieping van een appartementencomplex uit 1953 kocht, was de zolderverdieping donker en eenvoudig. Twee slaapkamers onder een schuin dak, kleine, hoge dakramen en verder niets. Geen badkamer, geen toilet en zelfs geen stromend water. Ik noemde het voor de grap 'de tent' vanwege de driehoekige vorm en omdat ik niet naar buiten kon kijken. Benauwend vond ik het.
Tot een buurvrouw op een dag zei: "Maar jij hebt toch nog een ruimte achter de muur van je overloop die je bij je woning kunt trekken?" Ik stond perplex. Had mijn huis een geheime kamer? Na de nodige toestemmingen braken we de muur open. Daarachter bleek inderdaad nog een volledig afgesloten ruimte te liggen die sinds 1953 ongebruikt was gebleven. Er ontstond een plan voor een grote dakkapel, offertes werden aangevraagd. Maar toen kwam Corona. De wereld stond stil en de verbouwing verdween voor jaren naar de achtergrond.
Tot Zwitserland.
Ergens tussen het heldere bergwater, de bergkristallen en het spel van licht begon ik anders over de verbouwingsplannen te denken. Niet als een donkere zolder waar een dakkapel op moest komen voor extra ruimte, maar als een plek waar vooral licht naar binnen moest komen. Waar verbinding zou ontstaan met de lucht, de wolken en de natuur, net zoals in Zwitserland.
Tijdens die vakantie viel de beslissing: we gaan beginnen met verbouwen, stap voor stap. We starten met het vervangen van de kleine dakramen voor de grootst mogelijke Velux dakramen die passen. Langzaam begon ook het idee voor een badkamer vorm te krijgen.

In de afgelopen jaren heeft de bovenetage een transformatie van licht doorgemaakt. We slapen onder de sterren en straks kunnen we ook in bad onder de sterren. Terwijl ik dit schrijf, zijn we bezig met de laatste fase van de verbouwing van de badkamer. Juist door het terugkijken van alle foto's en video's uit Zwitserland viel me ineens iets op wat ik al die tijd niet had gezien. Vrijwel alles wat we voor de badkamer hebben gekozen, blijkt terug te voeren op deze reis. De kleuren van de Aareschlucht. De rivierstenen. Het bergkristal. Zelfs de nieuwe kraan doet me denken aan de openbare kraan met bronwater in Lauterbrunnen die ik gefilmd heb. Zonder dat we het bewust hebben bedacht, hebben we stukje bij beetje Zwitserland mee naar huis genomen.
Terugkijkend zie ik nog een bijzondere overeenkomst. In Ierland ontstond mijn fascinatie voor eeuwenoude stenen. In Zwitserland was het het licht dat mijn aandacht trok. En thuis moesten we eerst letterlijk door steen heen breken voordat we het licht konden binnenlaten, net zoals kristalzoekers zich een weg banen door de bergen, op zoek naar verborgen bergkristallen. Misschien is onze zolder eigenlijk nooit een tent geweest. Met vier grote dakramen en straks een bad onder de sterren voelt het nu alsof we op de top van een berg wonen.
Dat is misschien wel het bijzondere aan inspiratie. Je hebt vaak niet in de gaten waardoor een idee werkelijk is ontstaan.
In het derde en laatste deel vertel ik hoe deze reis uiteindelijk een grote invloed kreeg op mijn werk, mijn merk en mijn nieuwe collectie Water – A Source of Life.